PDF-versie voor persoonlijk gebruik

Interview Puggy

woensdag 27 april 2016


Interview

Een driekoppige band met een vrolijke poprock sound, dat is Puggy. Het trio ontstond in 2005 hier in België en beschouwt zichzelf daarom als een Belgische groep bestaande uit zanger-gitarist Matthew Irons, bassist Romain Descampe en drummer Egil ‘Ziggy’ Franzén. Twee jaar later brachten de mannen hun eerste plaat ‘Dubois Died Today’. In 2010 kwam de tweede langspeelplaat ‘Something You Might Like’ uit waarvan het nummer ‘When You Know’ op de zesde plaats van de Ultratop 40 stond. 2013 betekende weer een nieuw album voor de heren getiteld ‘To Win The World’. Nu komen ze met hun vierde ‘Colours’ op de proppen waarmee ze op 15 mei 2016 naar de AB komen en begin juli voor het eerst op de festivalweide van Rock Werchter zullen staan.

Jullie ontmoetten elkaar hier in België terwijl jullie allemaal niet van hier zijn. Hoe zijn jullie bij elkaar terecht gekomen?

Egil: Matthew is Engels, ik ben Zweeds en Romain is Frans, maar we leven nu al een hele tijd in België. Matthew is hier geboren, Romain en ik kwamen hier naartoe in onze tienerjaren. Ik geloof dat ik 14 was. We gingen naar school dicht bij elkaar net buiten Brussel en Romain en ik ontmoetten elkaar via vrienden. We begonnen als snel samen in bands te spelen. Romain ging daarna jazz studeren in Antwerpen en Matthew ging daar ook naar school.

Matthew: Romain en ik werden vrienden en hij liet me kennis maken met Egil. We besloten toen om samen nummers te schrijven. Dat was zo een twaalf jaar geleden.

Zaten jullie muzikaal meteen op dezelfde golflengte?

Egil: We hebben eigenlijk nooit gepraat over welke muziek we wilden spelen. Het verliep van in het begin heel natuurlijk. Onze muziek klonk ook meteen heel specifiek. Na een tijdje evolueerde de muziek omdat onze manier van muziek maken ook veranderde. Maar vanaf de eerst repetitie hadden we eigenlijk al een specifieke sound. We creëerden iets door gewoon met drie in een kamer te zitten.

Opvallend zijn jullie vooral in Franstalig België in eerste instantie populair geworden, terwijl het Nederlandstalige gedeelte achterbleef. Vreemd, want jullie zingen in het Engels. Hoe verklaren jullie dat?

Egil: Het is inderdaad vreemd als je je bedenkt wat voor een klein land België eigenlijk is, maar het is niet gemakkelijk om door te breken in beide gebieden vooral omdat België geen nationale media heeft. Er zijn twee verschillende delen binnen de Belgische media. Zeker voor de muziekindustrie. Zelfs andere buitenlandse bands zullen een ander publiek hebben in Vlaanderen dan in Wallonië vanwege het feit dat de verschillende media zo gescheiden werken.

Matthew: Ons recordlabel is ook Frans en we tekenden in Frankrijk, dus veel van de grote promo’s gebeuren via de Franse media en het Franstalig deel van België pikt dat dan al sneller op. Het is ook zo dat we vloeiend Frans praten.

Spreken jullie misschien ook een beetje Nederlands?

Matthew: Ik spreek een beetje Nederlands, maar niet in interviews omdat ik me te veel moet concentreren op de antwoorden.

Romain: Nee, nog niet. Een beetje. We kunnen de praktische dingen zeggen zoals ‘Hallo’, ‘Dag’ en ‘Bedankt’, maar vaak wisselt het al snel naar het Engels. We hebben ook nooit veel oefening gehad. Zelfs in Antwerpen dachten ze dat ik een Engelsman was.

Egil: We zijn niet naar Belgische scholen geweest. Ik ging naar een Scandinavische school. Romain ging naar een internationale school dus we hebben ook nooit les in het Nederlands gehad.

Matthew: In Brussel kan je met iemand van Luik, Antwerpen, Spanje en Engeland aan een tafel belanden, maar uiteindelijk zal de conversatie in het Engels gevoerd worden. Sommigen vinden dat frustrerend en ik begrijp waarom, maar de gemeenschappelijke taal is nu eenmaal Engels. Het had ook Latijn kunnen zijn (lachend).

Romain: Sanctus, Oedipus…

Drie dagen geleden releaseden jullie ‘Colours’, jullie vierde album. Hoe voelde het om de cd los te laten wetende dat er niets meer aan veranderd kon worden? Zeg maar om jullie ziel bloot te stellen aan de verwachtingsvolle fans? Er zijn veel artiesten en bands die dat emotioneel vinden en zelfs knap lastig zo’n release omdat je je kindje waar je zo lang voor gezorgd hebt dan in zekere zin weggeeft. Hoe zien jullie dat?

Matthew: Let it go, let it go! (zingend). Bij ons was het helemaal omgekeerd. We hadden het moeilijk om het vast te houden. We waren in december al klaar met mixen, dus we hadden de cd al zo een vijf maanden in onze handen, op onze mp3’s en pc’s staan. Het was moeilijk voor ons om te weten dat de plaat af was, maar dat de fans het nog niet konden beluisteren. Wij wilden graag zien wat de fans ervan zouden vinden. Vooral omdat het een ander album is dan de andere. Het was echt een opluchting om eindelijk het album uit handen te kunnen geven.  

Waarom hebben jullie het album dan niet eerder uitgebracht?

Matthew: Omdat het artwork van het album nog moest gemaakt worden en omdat we onszelf gelukkig mogen prijzen dat we samenwerken met een recordlabel dat campagnes wil voeren en contact wil leggen met de pers voor de release. Ze wilden echt een momentum opbouwen. Dat is heel belangrijk voor de muziekindustrie. Voor al de rest maakt het niet uit, maar wel voor de industrie. Ze proberen gewoon zo goed mogelijk ons album te verkopen. Wij spelen het natuurlijk mee want zij zijn diegenen waardoor wij muziek kunnen maken.

Jullie weten ondertussen hoe een album opnemen in zijn werk gaat. Was het een makkelijke vierde?

Egil: Ik denk van wel. Je wil bij elk album iets anders proberen, ook nu. We maakten het onszelf deze keer gemakkelijk omdat we niet te veel vragen stelden. We begonnen zonder een precies idee en wilden gewoon een album maken dat nieuw en fris klonk. We schreven onze nummers en produceten ze voor het eerst ook zelf. Dat hadden we daarvoor nog nooit gedaan. Normaal schrijven we gewoon een heleboel nummers en trekken dan de studio in. Deze keer werkten we mee van het begin tot het einde van de productie. Zo konden we elk nummer volledig tot zijn recht laten komen zoals wij dat wilden. De nummers zijn zeer verschillend van elkaar. Er is geen rode lijn of overheersend thema doorheen het album, maar het klinkt nog steeds zoals ons. We wilden echt elk nummer pushen tot de limit en daarom hebben we ons niet te veel vragen gesteld over een specifiek concept voor het album.

Jullie werkten samen met de Engelse producer David Kosten. Hoe verliep die samenwerking en waarom juist hem?

Matthew: We zijn grote fan van zijn productiewerk, maar ook van wat hij doet als een soloartiest (hij treedt op onder de naam Faultline nvdr.) Hij komt van de elektronica scène en heeft al een paar albums gemaakt. David is geen traditionele muzikant in die zin dat hij geen klassieke piano of gitaar speelt. Hij speelt akkoorden, maar hij is geen typische muzikant. Hij schrijft en produceert muziek door inspiratie te halen uit klanken en door lagen en soundscapes te creëren. Hij gebruikt daarna stemmen om over zijn muziek te zingen zoals Chris Martin van Coldplay en Michael Stipe van R.E.M.  David producet ook bands en dat doet hij goed. De manier waarop hij stemmen opneemt, ik weet niet hoe hij het doet, maar het klinkt super. Mijn stem heeft nog nooit zo goed geklonken en dat is Davids verdienste. Wat hij ons nog bijbracht, is om meer stiltes te gebruiken. Wij waren een band die elk gaatje wilden vullen en loeihard wilden spelen, maar volgens David was dat niet nodig. Daarom dat dit album meer ruimte heeft. We hebben veel van de nummers zelf geproducet, maar wel in coproductie met David. Hij was onze gids en mentor. Hij heeft ‘Colours’ die extra touch gegeven. Het was een ongelofelijke ervaring om met hem te werken.

Wat was de inspiratiebron voor het album ‘Colours’?

Romain: Er was niet echt één inspiratiebron. We werkten allemaal apart en samen (lachend). Ik weet het, nogal contrasterend, maar we werkten eerst apart en daarna brachten we het samen. We hebben het album opgenomen gedurende een jaar dus de creativiteit veranderde vaak. Tot de laatste dag in de studio hebben we nog dingen veranderd en andere dingen gecreëerd. Het evolueerde de hele tijd. We werden vaak geïnspireerd door het moment zelf. We produceten nu ook zelf dus daar konden we dan ook nog aanpassingen maken. Zo konden we ook beslissen om de spontane opnames er in te steken. Soms geven fouten juist dat extra’s. Het album veranderde en evolueerde constant gedurende dat anderhalf jaar.

‘Lonely Town’ is de eerste single die jullie releaseden. Is dat het nummer dat jullie album samenvat?

Matthew: We hebben het als eerste single uitgebracht omdat het anders klonk dan wat we normaal doen. Dat was belangrijk voor ons. Het derde album was uit en de toer was afgerond en we voelden dat het tijd was om iets anders te doen. Het was geen kwestie van onszelf heruitvinden, maar we wilden een nieuwe dynamiek van werken om onszelf geïnteresseerd te houden. ‘Lonely Town’ is iets helemaal anders dan wat we deden voor ‘Colours’. Je hoort nog steeds ons, het is nog steeds mijn stem en dezelfde opstelling, maar het is donkerder, ouder en anders. Ik denk helemaal niet dat ‘Lonely Town’ het album samenvat en dat is wat ik leuk vind aan het album. Er is geen enkel nummer dat ‘Colours’ samenvat, maar ‘Lonely Town’ is een goede manier om de mensen te vertellen dat we terug zijn en dat we iets anders hebben gedaan, maar het is nog steeds Puggy.

‘Soul’ is een catchy nummer, net als ‘Change The Colours’ en ‘Territory’. Allemaal hebben ze een vrolijk deuntje. Hoe zouden jullie zelf jullie stijl omschrijven?

Romain: Je vindt ons bij de poprock bands, maar ik denk dat we diverse stijlen gebruiken.

Matthew: We laten het de mensen liever zelf uitzoeken. Waar ik altijd trots op ben geweest, is dat we veel lagen hebben. Ik ben blij als mensen geen aandacht schenken aan de lyrics of details van een nummer en gewoon kunnen zeggen dat ze ervan genieten, ook dat ze er niet van kunnen genieten. Een grappig voorbeeld daarvan is een nummer dat we een tijdje geleden hebben geschreven en dat over marteling gaat, dat wordt nu vaak gebruikt op trouwfeesten als een romantisch nummer. Ik kan dus niet zeggen tegen hen over wat het echt gaat want dan zal ik het moment verpesten (lachend). Dat is belangrijk voor mij. Het is irrelevant dat mensen begrijpen over wat het nummer gaat. Het gaat erover dat mensen iets voelen, dat is het fundament van kunst. We willen gewoon de fans iets laten voelen. Dat is het grootste compliment dat je kan krijgen.

In ‘Territory’ zingen jullie ‘Don’t you step into my territory’. Willen jullie daarmee waarschuwen dat we niet te dichtbij moeten komen?

Romain: Nee, we hadden de zin al waarna we hard hebben moeten zoeken om er een verhaal rond te bouwen. Het gaat eigenlijk over de strijd van het leven tegen de dood. De dood is altijd aanwezig en het leven zegt ‘Don’t you step into my territory’. Dat is het concept van het nummer. Het is eigenlijk een nummer dat we voor de grap maakten en we hadden dus niet gedacht dat dat het album ging halen, maar het gebeurde toch (lachend).

Het nummer duurt ook langer (5:13) dan de rest van de songs. Hoe komt dat?

Matthew: We weten het. Dat was voor ons ook een nieuw territorium waarin we ons bevonden. We hadden nog nooit een nummer opgenomen dat langer duurde dan drie minuten.

Romain: De truc was om er een lange outro aan vast te maken (alle drie lachend).

Matthew: We hebben het gewoon zo gemaakt. Waarom niet? Het is grappig want toen ons eerste album uitkwam merkte iemand op dat al onze nummers 3:30 duurden. Dat was ons nog niet opgevallen. We beginnen ook nooit te schrijven met de gedachte dat een nummer exact 3:30 moet zijn. Het initiële idee bij het maken van een nummer is de nood om iets te communiceren. Alle artiesten vertrekken daaruit. Je hebt je idee en wordt dan geïnspireerd. Als het nummer 5:13 nodig heeft om te zeggen wat het wil zeggen, dan heeft het zo lang nodig. Als je maar 1 minuut nodig hebt, heb je maar 1 minuut nodig.

Romain: Het was ook gewoon leuk.

Welk nummer van de nieuwe plaat is jullie favoriet? En waarom?

Matthew: Dat is een moeilijke. Ik vind dat ‘This Time’ iets leuk heeft. Van het moment dat de demo omgetoverd werd tot de finale versie, legde David letterlijk zijn handen op het nummer. Je kan zijn werk echt horen op ‘This Time’. Hij is een volwaardig vierde lid van de groep. Het is niet het nummer dat het tot mijn favoriet maakt, maar de herinneringen die het meedraagt.

Romain: Bij mij verandert dat elke dag. Ik geniet ervan om te luisteren naar ‘Anything For You’ omdat het echt iets anders is dan dat we normaal doen. Het frist het album echt op. Ik vond het ook leuk om te werken aan ‘Territory’ en alle andere nummers, maar naar ‘Anything For You’ kan ik blijven luisteren.

Egil: ‘Territory’ was leuk om te maken want we staken er steeds nieuwe dingen in. Het duurde ook enkele maanden vooraleer het af was. ‘Gods Could Give’ is qua compositie ook een goed nummer. Daarmee zijn we wel blij.

Romain: Het is zoals welk kind vind je het leukste (lachend).

Op 11 maart 2016 stonden jullie op het podium van La Madeleine. Hoe voelde het om de nieuwe nummers van ‘Colours’ te spelen?

Egil: We hadden al twee weken getoerd in Frankrijk dus we hadden de nummers al een paar keer kunnen spelen. We wisten dus al wat werkte en wat niet. Wanneer we terug waren in Brussel, was het als thuis komen. Het voelde heel goed en verliep ook super. Hadden we de nummers nog nooit gespeeld, hadden we wel veel stress gehad.

Matthew: Dat hebben we gedaan met het vorige album in de AB. Het was de eerste keer dat we die nummers speelden en dat was echt een slecht idee. Het ging goed en het publiek was mee, maar we hadden zoveel druk gezet op onszelf. Bij La Madeleine was dat niet zo en hebben we ons ook gewoon kunnen amuseren.

Binnenkort staan jullie ook op Rock Werchter. Jullie sluiten vrijdag Klub C af. Kijken jullie daarnaar uit? En hoe bereiden jullie je daarop voor?

Samen: Ja natuurlijk!

Matthew: We gaan mediteren ter voorbereiding (lachend).

Romain: Het is een trapje hoger dan dat we tot nu toe gedaan hebben. We hebben een uitverkochte  Vorst Nationaal gehad en acht keer de AB uitverkocht. Bijna alle concertzalen in Brussel hebben we gehad. Het is nu een uitdaging om een leuke vibe te creëren op Rock Werchter zodat we misschien nieuwe fans kunnen bereiken. Het wordt een uitdaging, maar we zijn super opgewonden en hebben er zin in.

< Caro Dralants >


Do you like our reviews and pictures?
Feel free to support concertnews.be by sharing this page or giving a donation.
You make an independent website like ours possible. Thanks!







Geef steeds in je comment mee op welk artikel je reageert.
Please put in your comment to which article you are responding.

Tabs Concertnews.be

News
Soon
Reviews

More news