PDF-versie voor persoonlijk gebruik

Interview De Roma vzw

maandag 30 mei 2016


Interview

Een karakteristieke oude cinema die werd omgetoverd tot concert- en theaterzaal in hartje Borgerhout. De jaren van opbouw gingen niet zonder slag of stoot voorbij, maar De Roma is zeker een zaal om rekening mee te houden. Hoe was het om enkel met vrijwilligers en giften De Roma op te bouwen? En wie ziet De Roma als zijn grootste concurrent? Een gesprek met de programmator van De Roma en met de bezieler van De Roma: Toon Van Deuren en Paul Schyvens.

In 1927 wordt Kinema Roma gebouwd. Tientallen jaren komen de mensen daar samen om te genieten van films tot in 1966 De Roma een rocktempel wordt. In 1982 moet het complex noodgedwongen sluiten. In 2003 ondertekent De Roma vzw een erfpachtregeling. Hoe zijn jullie van toen geëvolueerd tot nu?

Toon Van Deuren: We hebben in 2003 de erfpachtregeling ondertekend en dat was voor ons eigenlijk de vrijgeleide en enige mogelijkheid om De Roma herop te bouwen.  Eind 2002 zijn we begonnen met het buitensleuren van al het afval en de oude restanten die niet meer bruikbaar waren. Vanaf 2003 zijn we pas echt beginnen te verbouwen. Omdat het belangrijk was dat we meteen inkomsten hadden voor de verbouwingen, hebben we steeds gedeeltelijk open gedaan. We hebben eerst een half jaar gewerkt in De Roma en dan gedurende een paar maanden open gedaan met een heel provisoire inrichting. Een tijdelijke houten vloer, een stellingen podium en een tijdelijke toog. Dan terug gesloten, weer open, terug toe… Het was altijd heel basic, maar daardoor konden we wel inkomsten genereren om terug te investeren in de renovaties. Zo zijn we blijven werken tot maart 2006. Dat jaar zijn we voor de eerste keer een heel jaar open geweest. Sindsdien zijn we niet meer dicht gegaan, enkel in de zomer van juli tot midden augustus. Vanaf 2008 werden we dan structureel gesubsidieerd door de stad en de provincie Antwerpen en door de Vlaamse gemeenschap. De combinatie van al die subsidiepotjes is 750 000 euro per jaar. De omzet van de Roma is bijna 5 keer zo groot. Dat betekent dat wij voor 1/4 op jaarbasis gesubsidieerd worden en de rest komt van eigen inkomsten, dus drankverkoop, ticketing, zaalverhuur, sponsoring... Onze omzet ligt dus op een 3,5 à 4 miljoen euro per jaar. In 2012 ging het goed met De Roma. We zaten al vier jaar verder met die subsidies en alles draaide goed. We hebben toen beslist om nog een laatste grote ingrijpende verbouwing te doen in de zomer van 2015. We zijn dan gaan zoeken naar verschillende bouwsponsors. Die verbouwing hebben we afgelopen zomer gerealiseerd. Op programmatorisch vlak is de Roma ook gegroeid. Je begint met een concert- en theaterzaal, maar je moet dat natuurlijk opbouwen. Het is niet van de ene op de andere dag dat je grote concerten kunt organiseren. Ook je team moet een beetje groeien.

Jullie hebben gekozen voor een vzw in 2003. Is dat zodat jullie subsidies kunnen blijven krijgen van Vlaanderen, de stad Antwerpen, de provincie Antwerpen en de Nationale Loterij?

Toon Van Deuren: Dat is zeker niet de enige reden. Het is natuurlijk een goede bijkomstigheid want als je subsidies wil, moet je een vzw zijn. De Roma is nog altijd een culturele werking en niet zo zeer een commerciële concertzaal. De Roma is gegroeid vanuit de mensen van Rataplan, die ook een vzw zijn. We hebben de Roma heropend met als doelstelling om in de eerste plaats dat zwarte gat in Borgerhout terug te doen heropleven en om de mensen uit de buurt hun zaal terug te geven. Dat doe je niet met een BVBA of een commerciële instelling, dat doe je met een vzw. Waarom? Omdat het er niet om draait om winst te maken, maar om de zaal terug te geven aan de mensen. Wij hebben er altijd voor gekozen om met heel veel vrijwilligersinzet te werken. Die keuze is niet gemaakt omdat we goedkope werkkrachten zochten, maar omdat we de betrokkenheid van de buurtbewoners veel groter wilden maken. Dat is een heel andere instelling en benadering.

Wat doen jullie dan met de winst die jullie genereren?

Toon Van Deuren: Die wordt rechtstreeks terug geïnvesteerd in de werking en in andere concerten. Dat is logisch. Wij genereren ook verlies.

Houden jullie op jaarbasis iets over?

Toon Van Deuren: We hebben dit jaar voor het eerst ons jaar afgesloten met een relevant winstbedrag. Vorig jaar hadden we  4 000 euro wat je moeilijk winst kunt noemen als je kijkt naar onze omzet van 3,5 miljoen euro. Dit jaar sloten we af met 130 000 euro winst wat een wezenlijk bedrag is. Je moet ook rekenen dat wij gedurende onze opstart een gigantisch boekhoudkundig verlies van een half miljoen euro hebben opgebouwd. Wij hadden tot nu toe geen spaarpotje waar we op konden terugvallen en nu zijn we dat aan het opbouwen. Dus die 130 000 euro dient om dat boekhoudkundig verlies terug te kunnen indekken. We hopen binnen drie jaar eindelijk quitte te staan.

Het gebouw werd in 2002 een beschermd monument omdat het dateert van 1928 en toen een bioscoop was. Geeft dat extra prestige aan De Roma of hoeft dat eigenlijk niet?

Toon Van Deuren: Dat is erg prettig, maar gaat zeker niet puur en alleen over prestige. Wel over het feit dat dat ons toch een soort bescherming geeft. Omdat het een beschermd monument is, zijn we zeker dat het niet mag afgebroken worden. Stel dat die erfpachtregeling eindigt, dan mogen er niet zo maar kranen alles komen platwalsen. Het is dus een goede zaak voor het gebouw en voor ons omdat wij het gebouw belangrijk vinden en omdat wij ook rondleidingen organiseren. De Roma is ook een open monumentenvereniging.

Betekent dat jullie met erg veel beperkingen te maken hebben op theatertechnisch vlak door dat statuut van beschermd monument? Zaken waar jullie eigenlijk aan zouden willen raken, maar op een verbod stoten?

Toon Van Deuren: Nee, dat valt wel mee. Je zou dat gebouw volledig kunnen ombouwen tot een moderne concertzaal met een vals plafond, maar dat is onze behoefte niet. Waarom zouden we zo een zaal als deze kapot maken? Zelfs als het geen beschermd monument was, is het gewoon fijn om in zo een zaal te kunnen en mogen werken. Het is goed zoals het is.

De Vlaamse regering pompte vorig jaar maar liefst 517 000 euro (via Minister Sven Gatz) en 1,7 miljoen euro (via Minister Geert Bourgeois) in De Roma voor de renovatie van het balkon en een nieuw ventilatiesysteem. Merkt u dat dat andere concertuitbaters tegen de borst stoot? Of hebt u daar geen last van?

Toon Van Deuren: We hebben daar geen last van. Het staat iedereen vrij om die vraag te stellen aan de Vlaamse regering. Ik heb niet het gevoel dat we scheef bekeken worden door andere uitbaters hier in Antwerpen. Wij beschouwen elkaar allemaal als collega’s. Het is ook niet zo dat de Vlaamse regering onze werking betaalt. We krijgen wel een subsidie voor onze werking (700 000 euro per jaar via Stad Antwerpen, via onze Cultuurschepen Philip Heylen, en 100 000 euro via de Provincie, gedeputeerde voor cultuur Luk Lemmens nvdr.), maar als je dat vergelijkt met wat een gemiddeld cultuurcentrum bijvoorbeeld krijgt aan subsidies, is dat heel weinig. Het bedrag ligt wel hoog in vergelijking met wat een gemiddeld cultuurcentrum in Antwerpen krijgt, maar in vergelijking met de omzet ligt dat bedrag veel lager. Procentueel gezien worden de meeste cultuurcentra 1/3 tot 2/3 van hun omzet gesubsidieerd en wij maar 1/4. Wij zijn dus een veel minder gesubsidieerde organisatie wat niet zo erg is. Doordat we met vrijwilligers werken, kunnen we dat realiseren. Het bedrag van de Vlaamse overheid kregen we bovendien voor de infrastructuur en niet voor de werking.

Hoe verklaart u dat er plek en een publiek was voor activiteiten in de Roma sinds 2003 terwijl er al zo veel zalen zijn in Antwerpen op een boogscheut: Koningin Elisabethzaal (nu in renovatie maar binnenkort weer open), Stadsschouwburg, Arenbergschouwburg, Fakkeltheater, muziekcentrum Trix, Lotto Arena en Sportpaleis?

Toon Van Deuren: Alles hangt natuurlijk van de programmatie af. In de beginjaren merkten we dat mensen naar De Roma kwamen omdat het iets nieuws was. Mensen waren curieus. Die tijd is voorbij. Waarom komen de mensen toch nog naar hier? Dat heeft voor een stuk te maken omdat wij een zeer brede programmatie hebben. We doen van alles wat terwijl andere huizen zich meer specialiseren. De Stadsschouwburg heeft een andere capaciteit dan ons en een grotere scène voor bijvoorbeeld musicals. De Trix heeft een programmatie die zich meer naar jongeren richt. De Arenberg heeft zijn programmatie aangepast naar meer comedy, literatuur enzovoort. Alles kan hier perfect naast elkaar blijven bestaan. Er is communicatie tussen iedereen en ik voel zeker geen concurrentie.

Mogen we stellen dat jullie zowel qua programmatie als capaciteit in eerste instantie een niet-commercieel alternatief zijn voor de Stadsschouwburg met vergelijkbare capaciteit maar veel minder aangenaam dan de Roma (je zit er bij wijze van spreken op elkaar gestapeld zeker op het balkon van de Stadsschouwburg)?

Toon Van Deuren: Dat weet ik niet. Dat is aan de bezoeker om daarover te oordelen. Onze capaciteit komt inderdaad in de buurt. Zij hebben wel een groter podium en een andere manier om de dingen uit te baten. De Stadsschouwburg richt zich meer op musical en dat soort genres die bij ons eigenlijk geen plek hebben. Wij hebben daar geen ruimte voor dus wij richten ons op andere genres.

Jullie zijn er ook in geslaagd om indoor de Arenberg wat in de vergetelheid te doen geraken. Of voelen jullie dat anders aan?

Toon Van Deuren: Het is gek dat je de Arenberg ‘indoor Arenberg’ noemt,dat bewijst eigenlijk dat hun openluchttheater in de zomer een hele grote rol is gaan spelen in hun programmatie. Ik voel zelf de Arenberg niet aan als een bijhuis van het openluchttheater, integendeel. Ik heb ook niet het gevoel dat wij hun programmatie hebben overgenomen. Er zijn een paar gelijkenissen. Wij organiseren wel eens een concert van Frank Boeijen of Stef Bos, wat vroeger in de Arenberg stond. Langs de andere kant staat het die artiest vrij om te kiezen in welke zaal hij of zij speelt.

Toon Van Deuren: De Arenberg is ook een ander soort zaal dan De Roma. Het is een aflopende zaal met een podium dat voor het grootste stuk van de zaal lager ligt dan de zaal zelf. Bij ons heb je een vlakke zaal en een hoog podium. Dat is een totaal andere ervaring.

Wie is jullie grootste Belgische concurrent?

Toon Van Deuren: Niemand. Wij hebben geen concurrenten. Dat is gemakkelijk (lachend). Wij voelen dat alleszins niet zo aan. Elke zaal in België heeft zijn eigen programmatie en eigen specialiteiten. Natuurlijk heb je soms momenten dat de AB bijvoorbeeld een artiest heeft die wij ook graag zouden programmeren, dat gebeurt.

Is het de bedoeling om van de Roma de Antwerpse AB te maken zowel qua programmatie als hoeveelheid aan artiesten/bands?

Toon Van Deuren: Neen (glimlachend). Wij hebben niet de mogelijkheid om zo veel concerten te doen. Vergelijkend met de capaciteit en de af en toe vergelijkbare concerten komen we soms dichtbij de AB, maar wij moeten niet de Antwerpse AB worden. Wij denken dat De Roma aan de ene kant minder en aan de andere kant meer zijn. Wij zijn minder in de zin dat wij geen pur sang concertzaal zijn die altijd mee is met het allernieuwste. Aan de andere kant zijn we meer omdat ik denk dat wij een veel ruimere programmatie kunnen bieden en meer doelgroepen bereiken. Daardoor spelen we een grotere maatschappelijke rol. We zitten dan ook in een wijk die dat nodig heeft. Dat kan je niet negeren.

Toon Van Deuren: De Roma kan niet zo veel concerten organiseren als de AB omdat wij nooit gelijktijdig op onze twee locaties een concert kunnen geven. De AB heeft de mogelijkheid om in de grote zaal en in de Club iets te organiseren. Wij kunnen dat niet.

Vorig jaar werd er zoals gezegd 2,8 miljoen euro geïnvesteerd in de Roma voor renovatie. Legt dat geen extra druk op de schouders om sterke bezoekersaantallen te blijven scoren zodat die investering zich rechtvaardigt?

Toon Van Deuren: Er is ook een stuk door onszelf geïnvesteerd via de bouwsponsors. Onze werking is er niet op gericht om winst te genereren en die terug in bouwstenen te investeren. Die winst moet terug naar de werking gaan. Extra druk is relatief. Er is natuurlijk druk om een goede programmatie te maken en veel mensen over de vloer te krijgen, maar we zijn ook alleen maar in stijgende lijn bezig.

Jullie werken met de software van Ticketmatic op jullie eigen site. Nooit gedacht om een externe ticketingpartner in dienst te nemen?

Toon Van Deuren: Wij hebben drie ticketingmedewerkers die zelf nog de telefoon opnemen. We hebben ook een ticketbalie waar de mensen terecht kunnen om echte tickets te kopen. Wij vinden dat een service aan ons publiek gezien dat wij ook zeventigers en tachtigers over de vloer krijgen. We werken daarnaast ook met Fnac en met lokale platenwinkels. De old school manier die perfect kan bestaan naast ons online ticketingsysteem.

U bent programmator. Hoe selecteren jullie de artiesten die hier komen te staan? Of kiezen zij jullie?

Toon Van Deuren: Meestal komen de artiesten zelf aankloppen bij ons. Wij krijgen een gigantisch aanbod binnen waarbij eigenlijk maar 10% wordt behandeld. Van die 10% vindt er dan effectief 5 à 10% plaats. Voor de rest gaan we zelf op zoek naar projecten en volgen we bepaalde artiesten op die hier een beetje kind aan huis zijn.

Staan jullie een zaalhuur toe van pakweg een promotor als Live Nation Belgium zoals de AB dat doet? Of een co-productie? Of kiezen jullie er bewust voor om zelf te organiseren en te blijven organiseren?

Toon Van Deuren: Wij kiezen er bewust voor om alles zelf of in co-productie te organiseren. Wij gaan de zaal niet verhuren omdat wij zelf willen blijven beslissen welke artiesten we in De Roma binnenhalen, welke ticketprijs we hanteren en op welke manier het publiek ontvangen wordt. Co-producties doen we wel mits goede afspraken.

Vanwaar die keuze?

Toon Van Deuren: Er zijn verschillende redenen. Op het moment dat je verhuurt, geef je gewoon een zaal en heb je geen inbreng meer in de programmatie van de zaal. De bezoeker heeft daar geen boodschap aan. Voor hen is dat nog steeds de programmatie van De Roma ook al staat daar Live Nation of Greenhouse Talent bij. Een bezoeker denkt daar niet bij na. Wij willen er toch voor zorgen dat onze programmatie een rode draad heeft. Daar willen wij het laatste woord in blijven hebben en als je je zaal verhuurt, wordt dat veel moeilijker. Dat zal ervoor zorgen dat wij misschien af en toe niet de grootste naam hebben, maar dat is voor mij minder belangrijk.

Hoe zou u de programmatiestijl van De Roma omschrijven?

Toon Van Deuren: Wij proberen uit de mainstream genres een goede programmatie te maken met kwalitatieve bands en artiesten. We willen gewoon een zo breed mogelijk publiek bereiken en iedereen op een kwalitatieve manier bedienen. Daarnaast laten we ruimte voor maatschappelijke initiatieven, debatten, filmvoorstellingen, lezingen, boekvoorstellingen, benefieten enzovoort. We zijn dus niet pur sang een concertzaal. Onze stijl is dus het mainstream genre afwisselend met maatschappijkritische avonden.

Wat zijn de sterktes, zwaktes, opportuniteiten en uitdagingen voor jullie? (bedreiging: de politiek en de spelletjes die soms gespeeld worden: de Roma wordt door sommige politici verweten te links te zijn?)

Toon Van Deuren: Één van de grote sterktes van De Roma is de vrijwilligerswerking. We zijn met bijna 400 vrijwilligers die zich dagelijks inzetten om de Roma te doen draaien. Dat is heel belangrijk en eigen aan onze werking. Op dit moment is onze grootste zwakte de akoestiek. Daar kan aan gewerkt worden, maar dat is een moeilijke zaak omdat het gebouw is zoals het is. Het is een oude cinema en een beschermd monument dus we kunnen geen vals plafond steken. En dat willen we ook niet, maar dat betekent niet dat we niet moeten zoeken naar verbeteringen natuurlijk. Één van de uitdagingen is die akoestiek dus beter krijgen. Een andere is de maatschappelijke relevantie hoog houden en er dus voor zorgen dat we van die maatschappijkritische avonden blijven organiseren en de mensen laten nadenken. Niet te veel naar de concertzaal leunen. Dat blijft voor ons een aandachtspunt.

Wat zijn de toekomstplannen van De Roma?

Toon Van Deuren: Ik denk dat wij stap voor stap gewoon moeten evolueren. Op concertvlak proberen om altijd maar beter concerten te organiseren. Ook qua promo voeren, daar zijn we vrij sterk in. Wij houden van ouderwetse promo zoals flyers en affiches waarmee we zeer zichtbaar zijn in de stad en omstreken en dat willen we absoluut zo houden. Dus heel hard werken aan de concertwerking en daarnaast een scherp oog blijven hebben voor wat er in de maatschappij allemaal misloopt en dat in vraag blijven stellen.

Paul Schyvens:

Hoe bent u in de culturele sector gerold?

Paul Schyvens: Ik verveelde mij in de jaren ’70 en wilde iets doen in de culturele sector. Als kind wist ik al dat ik daar terecht zou komen. Je hebt kinderen die boswachter willen worden en ik wilde in de evenementensector.

Hoe is het idee ontstaan om de Roma terug nieuw leven in te blazen?

Paul Schyvens: In 2002 stapte ik De Roma binnen en werd ik verliefd op een hoop puin. Ik kon door die puinhoop zien dat er heel wat potentieel in de zaal zat. In het Frans noemen ze dat een ‘Coup de foudre’.

Was er een plan B voor het geval dat het niet zou lukken?

Paul Schyvens: Nee, ik heb in heel mijn leven nog nooit gewerkt met een plan B omdat ik graag mijn plan A uitvoer. Soms is dat vervelend voor de mensen met wie ik moet samenwerken maar ja (lachend).

Hoe waren die eerste jaren om vooral van giften en de steun van vrijwilligers iets uit de grond te stampen zonder overheidssteun?

Paul Schyvens: Loodzwaar, deprimerend en af en toe hoopgevend. Je blijft het volhouden door die giften en de vrijwilligers, maar die eerste drie jaar waren echt heel zwaar. Je bent dat nu vergeten. Het is zoals bij een bevalling. Vrouwen kunnen zich de zware bevalling meestal niet meer herinneren na de geboorte. Zo is dat bij mij en De Roma. Die periode is een zwarte bladzijde ondanks de vriendschappen die je ontwikkelt.

Wanneer en hoe is die overheidssteun er dan toch gekomen?

Paul Schyvens: Beetje bij beetje met veel aandringen en lobbyen. Helemaal niet vanzelf. Ik dacht: we doen iets in een moeilijke wijk en de overheid zal daarop anticiperen, maar zo simpel was het niet. Er waren ruzies voor nodig om te krijgen wat wij vonden waar we recht op hadden.

Klopt het dat jullie ook veel te danken hebben aan artiesten die soms gratis (benefiet ten voordele van de Roma) wilden optreden of een scherpe prijs maakten?

Paul Schyvens: Absoluut en nog steeds. Dat had en heeft onder andere te maken met het feit dat ik al sinds ‘75 in het vak zit. Na vele jaren krijg je een band met veel artiesten. Dat is het voordeel van ouder worden.  In het begin steun je hen en je blijft hen trouw. Raymond van het Groenewoud, Bart Peeters, De Nieuwe Snaar, daar werkte ik al mee samen vanaf hun beginperiode.

De Roma heeft een gigantische traditie. Grote namen als Iggy Pop en Paul McCartney traden hier op in de jaren ’70. Dromen jullie ervan om die paar overgebleven ronkende namen die nog actief zijn binnen te halen voor een (exclusieve) avond? (sommige artiesten spelen graag eens voor kleinere zalen akoestisch zoals Bryan Adams, Prince was dat ook tot aan zijn dood aan het doen, enz.)

Paul Schyvens: We dromen daar niet van. Er zijn zo veel goede dingen op dit moment en alle oude rakkers zijn te duur en te veeleisend. Af en toe lukt het wel, met Wayne Shorter, Elvis Costello, Graham Nash, Randy Newman,…

< Caro Dralants >


Do you like our reviews and pictures?
Feel free to support concertnews.be by sharing this page or giving a donation.
You make an independent website like ours possible. Thanks!







Geef steeds in je comment mee op welk artikel je reageert.
Please put in your comment to which article you are responding.

Tabs Concertnews.be

News
Soon
Reviews

More news